Zeg ok ies wat, ie bint toch ok van de karke ?uit kerknieuws 25-11-07
Ook dat jaar had de plaatselijke Interkerkelijke evangelisatiecommissie een Kerstnachtdienst georganiseerd. De dienst was naar aller tevredenheid verlopen. Een voorganger die zijn vak verstond, had de dienst geleid. En een zanggroep had aansprekend gezongen. En het meest bijzondere was dat er mensen gezien waren die niemand thuis kon brengen. Dat wil zeggen dat het mensen waren die niet in een van de deelnemende kerken bekend waren. Misschien waren het wel mensen die niet ”gelovig” waren? Dat was immers de doelgroep van de commissie. En misschien waren die mensen ” bereikt “ door hun aanplak biljetten die op verschillende punten in de om liggende dorpen te zien waren. Natuurlijk waren er die avond dingen die beter hadden gekund. En onder het opruimen van de kerk werd hier over na gepraat. De kerkzaal moest netjes achter gelaten worden.Want de volgende morgen was het immers Kerstfeest en zou de ruimte opnieuw gebruikt worden. Men was hiermee bijna gereed. Een enkele stond al op het punt om naar huis te gaan toen een grote kerel de hal kwam binnengebeend.
Hij wilde iemand van de leiding spreken! Er werden stemmen gehoord van : Maak dat je weg komt, die man die deugt niet. Iemand van de leiding wilde hij spreken?. Aller gedachten gingen uit naar de dominee die was voorgegaan . Maar deze bleek al vertrokken. Op de vraag wat hij dan wel wilde, kwam het antwoord dat hij wilde weten hoe het zat met de kerk en het geloof en zo. En er aan toevoegend dat de aanwezigen hem maar beter serieus konden nemen want hij was niet te beroerd om de zaak ter plaatse kort en klein te slaan. Niemand twijfelde er aan dat hij dat ook daadwerkelijk zou doen en niemand verdacht hem er van dat hij daar niet toe in staat zou zijn. Even werd er gedacht om de politie in te schakelen Maar die gedachte werd snel uit het hoofd gezet. Want al gauw hadden aanwezigen in de gaten , dat ze te doen hadden met een mens in nood. In geestelijke nood wel te verstaan. Maar de dominee was immers vertrokken en dit was toch echt een klus voor een vakman.
Maar nood breekt wet. Maar de man kreeg waar hij om vroeg. Niet in keurig Nederlands met mooie volzinnen. Maar hij kreeg het Evangelie uitgelegd in plat dialect dat in die streek gesproken werd. En de aanwezigen vulden elkaar aan. Op een gegeven moment zei hij: Goed tot zover was het duidelijk. Hij kon begrijpen dat er een God was die van kerk-mensen kon houden, al vond hij dat toch wel raar.. Maar dat er een God was die van hem kon houden, ging er bij hem niet in. Hij wilde dan ook meer argumenten horen. En zich omdraaiend naar iemand die zich tot dan toe niet in het gesprek gemengd had, sprak hij de onvergetelijke zin: Zeg ok ies wat.Ie bint toch ok van de karke? Met die uitspraak kon hij zo figureren in die andere nacht. Toen omstanders tegen Petrus zeiden : Maar jij,jij hoort toch ook bij Hem, wijzend op de Here Jezus. De aangesprokene in dit verhaal kreeg geen gelegenheid om te antwoorden. Want de uitspraak had bij een van de omstanders een glimlach te weeg gebracht. Met het gevolg dat de zaak als nog dreigde te escaleren. Want met een dreigend: Ie neemt mij toch wel serieus, of zo, moest die omstander praten als Brugman om aan te tonen dat hij de man wel serieus nam. Maar hoe leg je uit welke gedachten die ene zin van hem te weeg bracht. Was het eigenlijk niet van de gekke dat de eerste de beste ongelovige,die een kerk binnen stapt, kerkmensen wijst op hun plicht om het evangelie te verkondigen. Nog tot diep in de nacht hebben twee van de aanwezigen met de man gesproken. En zijn een naaste geweest voor hem, die op dat moment hulp nodig had. En hebben hiermee een schitterende job vervuld. Zit er nu een happy end aan dit verhaal? Is de man een gelovige geworden? Het antwoord moet dit verhaal schuldig blijven. Maar hij zal zich die kerstnacht ongetwijfeld nog tot in lengte van jaren herinneren. En als hij aan het eind van zijn leven zich moet verantwoorden, zal hij niet kunnen zeggen: Ik heb niet van U geweten want er was niemand die mij over U heeft verteld. Want in die Kerstnacht heeft hij, zij het op een amateuristische wijze, het Evangelie gehoord. Daarom: Zeg ook eens wat.{als de gelegenheid zich voor doet} Want u/ jij bent toch ook van de kerk (Jezus } ?
P.S.: De man had het licht zien branden in de kerk, en was daarom naar binnengegaan. Gek eigenlijk dat dit niet veel vaker gebeurd.
|
|
Laatst geupdate op zaterdag 17 april 2010 23:19 |